Een pagina over de
geschiedenis van Warmenhuizen,
geschreven door Sam Schipper van de Historische Vereniging
Harenkarspel.
Wier aan basis Warmenhuizen.
De naam Warmenhuizen is als volgt te
verklaren: Wier
en klei werd gebruikt voor het opwerpen van terpen rond Warmenhuizen, wat toen nog een koninklijk domein was van de
Friese koningen. De naam wier is in het Fries weer, werd,
ward of war.
De eerste drie letters (war) zijn een verbastering van wier.
Huizen is een ander woord voor buurtschap. Dus Warmenhuizen
was een buurtschap dat gebouwd was op terpen van klei en
zeewier. Aangenomen wordt dat de terpen rond Warmenhuizen
overblijfselen zijn van oude dijken richting Sint Maarten,
waarschijnlijk als bescherming tegen het water De Zijpe. Ze
liggen namelijk allemaal in noordwestelijke richting.
Het ontstaan van Warmenhuizen
Warmenhuizen is in
745 gesticht door
Radboud II met de aanleg van de eerste
terpen. Tot 1254 is het van de
Graven van Holland. Daarna komt het met
Harenkarspel in 1256 in bezit van de
Heren
van Egmond.
Lamoraal van Egmond was de laatste graaf
die Warmenhuizen in bezit had. Na zijn onthoofding in
1568 ging het in 1576 naar zijn weduwe
Sabina van Beieren-Sponheim en zij gaf
het weer door aan haar zoon
Filips. Toen deze de zijde van de
Spanjaarden koos, werden hem zijn Hollandse
goederen afgenomen. Echter na diens dood in
1590 kreeg
Lamoraal van Egmond II in 1593 de
goederen weer terug op voorwaarde dat hij
zich in
Frankrijk vestigde. Hij komt evenwel in
ernstige geldproblemen en zijn goederen
worden verkocht aan de
Staten van Holland. Die verkopen in
1607 de 'Vrije
en
Hoge
Heerlijkheid Warmenhuizen, Schoorldam en
Krabbendam' voor 10.050.- gulden weer aan
heren
Gybels en
Van der Elburch.
De Heren van Egmond
Eerste vermelding rond 1200: Wouter 1ste
de stamvader. Heraldisch hadden ze een voornaam en oud wapen. De
kleurstelling goud en rood was voorbehouden aan de hoge
adel. De keper is ook in de scheepvaart een bekend symbool.
Geplaatst op een stok in het water of langs de oever gaf dit
symbool aan dat er een haven in de buurt was
(veilig). Het wapen van de Heren van Egmond telt 5 kepers op
een rood fond (achtergrond). De kepers staan voor 5 ridderlijke deugden: gerechtigheid,
standvastigheid, dapper, voorzichtig en zachtmoedig. Het geslacht van Rietwijk had
een 1 keper van goud op een rood fond. Vermoedelijk komen de Egmonds
voort uit de familie Rietwijk, daarvoor waarschijnlijk uit
de Friese koningen (het is in het verre verleden te
onduidelijk om zekerheid te hebben).
Lamoraal van Egmond is onthoofd in
1568. Na 1607 werden het zilveren kepers, goud mocht niet
meer omdat ze hun goederen kwijt geraakt waren door Lamoraal
I.
De Heren van Egmond bezaten dus de
Vrije en Hoge Heerlijkheid Warmenhuizen-Schoorldam met de
volgende ambten en rechten: het baljuwsambt, schoutsambt, secretarisambt, bodeambt,
predikant, schoolmeester, waagrecht, bieraccijns, de
turfmaat van Schoorldam, en Krabbendam, de visserij aan de
Noorderbrug en de Santsloot, de zwanendrift (het houden van
zwanen en eenden), het marktrecht, het uitvaardigen van
keuren (wetten), het windrecht en boetes innen. Ook bezat de
Heer (eventueel de Vrouwe) het halsrecht (het recht om
misdadigers ter dood te laten veroordelen en ook uit te
voeren door de beul (dat was een beroep maar werd slecht
betaald), de beul woonde in Haarlem en bevrijde de
misdadiger van zijn hoofd (vandaar het halsrecht) in Alkmaar
op de Breedstraat achter het stadhuis, maar soms ook binnen
in het stadhuis. Dit waren zogenaamde Heerlijke Rechten,
rechten waarover alleen de Heer mocht beslissen.
Harenkarspel ging in 1446 apart verder en
kreeg een nieuw wapen in 1817.
In 1990 ging Harenkarspel opnieuw samen
met Warmenhuizen in de Gemeente Harenkarspel
